Digitaal Productpaspoort 2026: standaarden, register en nieuwe sectorverplichtingen

CEN/CENELEC-standaarden, het ontwerp voor het EU-register, ISO/IEC JTC 5 en het stalen DPP: alles wat fabrikanten nu moeten weten over het Digitaal Productpaspoort.

door QR3 Redaktion

Digitaal Productpaspoort 2026: standaarden, register en nieuwe sectorverplichtingen

Mei 2026: een keerpunt voor het Digitaal Productpaspoort

Zelden komen ontwikkelingen op het gebied van regelgeving en standaarden zo snel samen als in het vroege voorjaar van 2026. Binnen slechts enkele weken publiceerden CEN en CENELEC de eerste geharmoniseerde Europese standaarden voor het Digitaal Productpaspoort (DPP), bracht de Europese Commissie een ontwerp uit voor het centrale DPP-register, publiceerde het Joint Research Centre (JRC) de gegevensvereisten voor staalproducten en ging in Brussel de internationale DPP4EU-conferentie van start. Voor fabrikanten, importeurs en systeemintegrators is de boodschap duidelijk: de implementatiefase is begonnen — niet ergens in de toekomst, maar nu.

De juridische basis voor al deze ontwikkelingen is de ESPR-verordening (EU) 2024/1781, die ecodesigneisen en productduurzaamheid vastlegt als bindende verplichtingen. Sectorspecifieke gedelegeerde en uitvoeringshandelingen werken die verplichtingen productgroep voor productgroep uit — en precies die concrete regels krijgen nu vaart.


De eerste geharmoniseerde standaarden: wat EN 18219 tot en met EN 18223 vereisen

Het CEN/CENELEC JTC 24-standaardenpakket

Eind mei 2026 publiceerden CEN en CENELEC de eerste reeks geharmoniseerde Europese standaarden die de technische infrastructuur van het DPP definiëren. Tot de kernstandaarden behoren:

  • EN 18219:2026 — Unieke identificatoren: syntaxis, registratieregels en minimumvereisten voor uniciteit gedurende de volledige levenscyclus van het product.
  • EN 18220:2026 — Gegevensdragers: welke fysieke of digitale dragers (QR-code, RFID, DataMatrix) zijn toegestaan en hoe deze moeten worden gecodeerd.
  • EN 18222:2026 — API's en protocollen voor gegevensuitwisseling tussen paspoortsystemen en het centrale register.

Daarnaast zijn EN 18216, EN 18217, EN 18218, EN 18221 en EN 18223 officieel gepubliceerd via nationale normalisatie-instellingen, waaronder het Belgische NBN. Samen bestrijkt het pakket de volledige technische keten: van de unieke identificator via de fysieke gegevensdrager tot de machineleesbare interface.

Praktische gevolgen voor gegevensdragers

EN 18220 is relevant voor iedereen die al QR-codes of RFID-tags op producten gebruikt. De standaard schrijft voor hoe een gegevensdrager moet zijn opgebouwd om als DPP-conforme drager te kwalificeren. Als u gebruikmaakt van GS1 Digital Link — waarbij GTIN's als URI's worden gecodeerd — bent u structureel goed gepositioneerd, maar moet u nog wel verifiëren of uw specifieke coderingssyntaxis voldoet aan EN 18220.

Hier is een voorbeeld van een conforme GS1 Digital Link-URI die als basis kan dienen voor een DPP-QR-code:

https://id.gs1.org/01/04012345678901/21/ABC123

Hierin codeert /01/ de toepassingsidentificator van de GTIN en codeert /21/ het serienummer. Resolverservices leiden het scaneindpunt vervolgens door naar het daadwerkelijke productpaspoort.

TEKLYNX heeft al gereageerd: zijn bijgewerkte CODESOFT-software ondersteunt GS1 "++"-coderingsschema's (EPC++ en ISO BD), waarmee web-URL's rechtstreeks in het geheugen van een RAIN RFID-tag kunnen worden geschreven — een duidelijk signaal dat softwareleveranciers de nieuwe standaarden als een bindende specificatie behandelen.


Het EU DPP-register: wat het Commissieontwerp daadwerkelijk voorstelt

Drie gegevenspunten — niet meer

Op 29 april 2026 publiceerde de Europese Commissie het ontwerp van uitvoeringsverordening voor het centrale DPP-register. Een wijdverbreid misverstand in de branche is dat het register het productpaspoort zelf opslaat. Dat is niet het geval.

Volgens het ontwerp bevat elke registervermelding slechts drie gegevenspunten:

  1. De unieke identificator (UID) van het product
  2. Het resolvereindpunt waarmee het daadwerkelijke productpaspoort kan worden opgehaald
  3. De bijbehorende goederencode (bijv. GTIN of een gelijkwaardige identificator)

De feitelijke paspoortgegevens — materiaalsamenstelling, repareerbaarheidsindex, CO2-voetafdruk — blijven decentraal bij de fabrikant of een aangewezen gegevensbeheerder. Het register is daarmee een gids, geen gegevensopslag. Dit heeft verstrekkende gevolgen: langdurige gegevensbeschikbaarheid, serverstoringen en gegevensmigratie bij bedrijfsoverdrachten blijven de verantwoordelijkheid van de fabrikant.

CIRPASS-2-consultatie: technische aanbevelingen

Het door de EU gefinancierde CIRPASS-2-consortium heeft zijn reactie op het ontwerp ingediend. De kernaanbevelingen gaan over interoperabiliteit tussen nationale resolverinfrastructuren, minimale uptime-vereisten voor decentrale paspoorteindpunten en duidelijke regels voor scenario's van bedrijfsfaillissement. De Commissie heeft de consultatieperiode inmiddels gesloten; de definitieve tekst wordt in het najaar van 2026 verwacht.


Sectorontwikkelingen: staal, batterijen en microplastics

Staal: het JRC publiceert gegevensvereisten

Het Joint Research Centre van de Commissie heeft een ontwerp-DPP uitgebracht voor halffabricaten van ijzer en staal. Het ontwerp definieert specifieke gegevensvereisten, granulariteitsniveaus en berekeningsregels — onder meer voor de productspecifieke CO2-voetafdruk (PCF), aandelen gerecycled materiaal en legeringssamenstellingen.

Bijzonder opmerkelijk: het JRC-ontwerp maakt onderscheid tussen gegevens die op productniveau moeten worden bijgehouden (per serienummer) en gegevens die op batchniveau moeten worden bijgehouden (per lotnummer). Voor staalfabrikanten met hoge productievolumes betekent dit dat een DPP-systeem dat bulkimports aankan vrijwel onmisbaar is — handmatige gegevensinvoer is simpelweg niet haalbaar wanneer u te maken hebt met duizenden coils of platen per week.

Batterijen: Commissie organiseert praktische webinar

De batterijverordening (EU) 2023/1542 is de eerste bindende sectorhandeling met eigen DPP-verplichtingen. In mei 2026 organiseerde de Commissie (DG GROW) een implementatiewebinar voor de batterijindustrie, waarin specifieke gegevensvereisten, deadlines en steunmaatregelen voor mkb-bedrijven aan bod kwamen. De boodschap was ondubbelzinnig: de overgangsperiode voor industriële batterijen loopt, en de technische infrastructuur moet parallel aan het lopende standaardisatiewerk worden opgebouwd.

REACH en microplastics: eerste rapportagedeadline is verstreken

Minder prominent in het nieuws maar operationeel significant: ECHA heeft richtlijnen gepubliceerd over de REACH-rapportageverplichtingen voor synthetische polymere microdeeltjes. De eerste rapportagedeadline voor fabrikanten en industriële downstreamgebruikers van polymeergranulaat, -vlokken en -poeders is in mei 2026 ingegaan. Hoewel dit formeel geen DPP-aangelegenheid is, wijst het in dezelfde richting: wettelijke rapportageverplichtingen voor materiaalsamenstellingen worden in alle productgroepen bindend — en het DPP zal op de middellange termijn het kanaal zijn waarlangs die gegevens stromen.


ISO/IEC JTC 5: internationale standaardisatie krijgt vorm

Naast het Europese standaardisatiewerk hebben ISO en IEC het Joint Technical Committee 5 (ISO/IEC JTC 5) opgericht, dat zich uitsluitend richt op de internationale standaardisatie van het DPP. Het secretariaat berust bij het Deutsches Institut für Normung (DIN) — een teken dat jarenlang voorbereidend werk binnen Duitse industriekringen nu op internationaal niveau zijn vruchten afwerpt.

De oprichting van JTC 5 is strategisch van belang: het voorkomt dat Europa en andere grote handelsmachten (de VS, Japan, Zuid-Korea) parallelle, incompatibele DPP-standaarden ontwikkelen. Voor wereldwijd opererende fabrikanten is één internationale standaard essentieel — een Chinese leverancier die geacht wordt gegevens aan te leveren aan een Europees DPP-systeem heeft dezelfde protocollen nodig als een Beierse Tier 1-leverancier.


Wat fabrikanten nu zouden moeten doen

De ontwikkelingen van de afgelopen weken laten zich samenvatten in drie actiegebieden:

1. Voer een gap-analyse van de standaarden uit EN 18219 en EN 18220 zijn gepubliceerd. Als u al QR-codes of RFID-tags gebruikt, zou u moeten verifiëren of uw identificatorstructuren en gegevensdragercoderingen standaardconform zijn. Dit geldt in het bijzonder voor de syntaxis van de unieke identificator en de resolverlogica.

2. Ontwikkel een datagovernanceconcept Het register slaat geen paspoortgegevens op. Fabrikanten moeten ofwel zelf een permanent beschikbare infrastructuur leveren voor de daadwerkelijke DPP-gegevens, ofwel een gecertificeerde gegevensbeheerder inschakelen. Beschikbaarheid, gegevensmigratie en faillissementsscenario's moeten allemaal contractueel worden geregeld.

3. Houd sectorspecifieke deadlines in het oog Batterijen kennen al bindende deadlines. Staal, textiel en elektronica volgen. De JRC-ontwerpen zijn openbare consultatiedocumenten — als u de definitieve gegevensvereisten wilt beïnvloeden, moet u nu uw opmerkingen indienen.

De DPP4EU-conferentie in Brussel maakte één ding overduidelijk: het Digitaal Productpaspoort is niet langer een toekomstproject. De standaarden bestaan, de architectuur van het register is geschetst en de eerste sectoren staan voor bindende implementatieverplichtingen. De vraag is niet langer óf bedrijven hun systemen moeten aanpassen, maar hoe snel.

Bronnen