De klok tikt: vanaf 18 februari 2027 moeten industriële batterijen, tractiebatterijen voor elektrische voertuigen en batterijen met een capaciteit van meer dan 2 kWh zijn voorzien van een Digitaal Batterijpaspoort (DBP). De wettelijke basis is de Batterijverordening (EU) 2023/1542, die in augustus 2023 in werking trad. Wat veel fabrikanten en importeurs nog onderschatten: het paspoort is geen statisch document dat je eenmalig invult en archiveert — het is een levende dataset die gedurende de volledige levenscyclus van een batterij bijgewerkt moet kunnen blijven worden.
Wat de verordening daadwerkelijk vereist
Statische en dynamische datapunten
De Batterijverordening maakt impliciet onderscheid tussen gegevens die bij het in de handel brengen vaststaan (chemische samenstelling, fabrikant, capaciteit, CO₂-voetafdruk) en gegevens die tijdens het gebruik voortdurend veranderen. Tot die laatste categorie behoren vooral State of Health (SoH) en State of Charge (SoC): beide kengetallen veranderen bij elke laad- en ontlaadcyclus. Voor batterijen die een zogenoemd „Second Life" doorlopen — dus na gebruik in een elektrisch voertuig verder worden gebruikt als stationaire energieopslag — zijn actuele statusgegevens niet alleen wettelijk voorgeschreven, maar ook economisch doorslaggevend. Zonder betrouwbare SoH-gegevens is de restwaarde van een gebruikte batterij nauwelijks serieus vast te stellen.
De verordening schrijft uitdrukkelijk voor dat bepaalde datapunten gedurende de volledige levenscyclus bijgewerkt moeten kunnen worden. Wie zijn paspoort bij het in de handel brengen eenmalig invult en er daarna niet meer naar omkijkt, voldoet niet volledig aan de vereisten — en loopt vanaf de peildatum een serieus compliancerisico.
Koppeling tussen batterij en dataset
De fysieke koppeling tussen batterij en digitale dataset verloopt via een GS1 Digital Link — een gestandaardiseerde URI die GTIN en serienummer codeert en verwijst naar de bijbehorende dataset. Deze link wordt doorgaans als QR-code op de batterij gedrukt of gegraveerd. De keuze voor een dynamische QR-code is daarbij geen luxe, maar een technische noodzaak: alleen zo kan de doel-URL achteraf worden aangepast wanneer databasestructuren of resolver-eindpunten veranderen, zonder de fysieke identificatie van de batterij te vernieuwen.
Twee structurele zwakke punten in de praktijk
Het Minespider-implementatierapport 2026 identificeert twee zwakke punten die in de hele sector terugkomen: datafragmentatie in de toeleveringsketen en ontbrekende processen voor dynamische gegevensupdates.
Datafragmentatie
Batterijen worden samengesteld uit componenten en grondstoffen die afkomstig zijn van een groot aantal leveranciers. Kobalt uit Congo, lithium uit Australië, cellen uit Azië, assemblage in Europa — elke partij beschikt over een deel van de gegevens die voor het paspoort nodig zijn. In de praktijk betekent dit dat fabrikanten gegevens uit ERP-systemen, leveranciersportalen, laboratoriumdatabases en certificeringsinstanties moeten samenbrengen voordat ze überhaupt een volledige dataset kunnen creëren. Wie hier op handmatige processen vertrouwt, zal uiterlijk bij het opschalen mislukken.
Ontbrekende updateprocessen
Het tweede probleem is structureel van aard: veel bedrijven hebben wel processen voor het aanvankelijk invullen van een productpaspoort, maar geen workflows voor voortdurende updates. SoH-gegevens, reparatiegeschiedenissen, eigendomsoverdrachten — dit alles moet via API's of geautomatiseerde batchprocessen in het paspoort worden teruggeschreven. Wie dit niet plant, produceert vanaf 2027 formeel niet-conforme paspoorten, ook als de initiële dataset volledig was.
Nieuwe normen: EN 18216 tot EN 18223
Op 25 juni 2026 hielden CEN en CENELEC een openbaar webinar over de nieuw gepubliceerde DPP-normen EN 18216 tot EN 18223. Deze zes normen, opgesteld door het Technisch Comité JTC 24, definiëren het sectoroverkoepelende kader voor interoperabiliteit en dataconsistentie — en vormen daarmee het belangrijkste standaardisatiewerk van de afgelopen jaren voor iedereen die DPPs moet implementeren.
De normen zijn productagnostisch: ze gelden niet alleen voor batterijen, maar leggen ook de technische basis voor alle toekomstige DPP-verplichtingen onder de ESPR (Ecodesign for Sustainable Products Regulation). Wie vandaag een DPP-infrastructuur voor batterijen opbouwt, doet er goed aan de architectuur zo te ontwerpen dat die ook uitbreidbaar is naar textiel, elektronica of staal — de bijbehorende gedelegeerde handelingen komen eraan.
Tegelijkertijd startte het consortium BatteryPass-Ready op 24 juni 2026 een openbare testomgeving voor het Digitale Batterijpaspoort. Het platform stelt fabrikanten, toeleveranciers en softwareleveranciers in staat datasets op compliance te controleren en interoperabiliteit te testen — voordat de peildatum aanbreekt.
DP-AWB: opensourcetool voor modelvalidatie
Ook nieuw: onderzoekers publiceerden in juli 2026 de Digital Passport Assessment Workbench (DP-AWB) als opensourcetool. De tool berekent deterministische beoordelingsresultaten rechtstreeks uit SHACL-modelspecificaties en maakt het mogelijk om DPP-datastructuren formeel te valideren. Voor ontwikkelaars die eigen DPP-backends opzetten, is dit een praktisch hulpmiddel om te waarborgen dat de datamodellen aan de normatieve vereisten voldoen.
Het centrale register van de Europese Commissie
De Europese Commissie werkt aan een centraal register waarin alle DPPs geregistreerd en vindbaar moeten worden gemaakt. Orgalim — de Europese branchevereniging voor technologie — heeft hiervoor duidelijke eisen geformuleerd: het register moet geautomatiseerde registratieprocessen met hoge volumes ondersteunen en tegen uitval worden beveiligd. Een single point of failure in de EU-infrastructuur zou voor wereldwijd actieve fabrikanten onaanvaardbaar zijn.
De eis is terecht: alleen al op het gebied van elektrische voertuigen worden jaarlijks miljoenen tractiebatterijen in de handel gebracht. Elk exemplaar heeft vanaf 2027 een geregistreerd en opvraagbaar paspoort nodig. Systemen die niet op deze volumes zijn berekend, zullen onder belasting instorten.
Wat er nu moet gebeuren
Voor bedrijven die onder de Batterijverordening vallen, volgt hieruit een concreet actieplan:
Datastrategie definiëren: Welke datapunten komen uit welke bronnen? Welke systemen moeten worden gekoppeld? Wie is verantwoordelijk voor voortdurende updates?
Technische infrastructuur opbouwen: Een Digitaal Productpaspoort is geen pdf. Het vereist een API-geschikte backendinfrastructuur die gedurende de volledige levenscyclus lees- en schrijftoegang mogelijk maakt.
GS1 Digital Link implementeren: De koppeling tussen de fysieke batterij en de digitale dataset moet via een URI conform de norm verlopen. Eigen oplossingen zijn geen optie wanneer interoperabiliteit met het EU-register vereist is.
Testomgeving gebruiken: Het BatteryPass-Ready-platform is openbaar beschikbaar. Wie nu test, voorkomt onaangename verrassingen in februari 2027.
Normen lezen: EN 18216 tot EN 18223 zijn geen optionele lectuur. Ze definiëren wat interoperabiliteit in de DPP-context technisch betekent.
De peildatum februari 2027 klinkt nog ver weg. Voor bedrijven die complexe toeleveringsketens coördineren en legacy-IT-systemen moeten integreren, is dat niet zo. De infrastructuur voor dynamische gegevensupdates, geautomatiseerde koppelingen met leveranciers en conforme resolverarchitecturen kost tijd — meer tijd dan veel complianceteams momenteel inplannen.
Bronnen
- Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen
- Identification and labelling of industrial and electrical vehicle batteries | GS1 in Europe
- First Harmonized EU Standards for the Digital Product Passport Published
- BatteryPass-Ready Launches Test Environment for Digital Battery Passport
- Digital Passport Model Assessment Workbench: SHACL-based assessment, use-case coverage, and integration guidance for digital passport model ecosystems
- Recommendations for a Trusted and Workable EU Digital Product Passport Registry